camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

reeks Leve de liefde

‘Silas bleef na onze date slapen, zonder dat er iets gebeurde. Dat gaf me een heel fijn gevoel’

Katarina Martynowski (37) matchte op Tinder met Silas Simons (36). Vier jaar later is er ook een baby, Obi. ‘Ik wilde de app verwijderen, maar de laatste poging was de juiste.’

maandag 20 juni 2022 om 3.25 uur

Tindergeluk, met baby Obi (acht maanden). Carmen De Vos

Kat: ‘Ik gebruik Tinder al van toen de app nog maar net bestond, ik was er heel vroeg bij. Mijn allereerste Tinderdate is nog altijd een goeie vriend van me. Maar verder kwam er weinig uit voort. Een paar leuke afspraakjes, maar niemand van wie ik dacht: dit is het. De laatste date die ik had voor ik Silas leerde kennen, was een realitycheck: het bleek om een man te gaan met een strafblad, er stond hem zelfs een concrete celstraf te wachten. Daar ben ik van geschrokken. Ik dacht er toen aan om te stoppen met Tinder, wat ik gelukkig niet deed, want de volgende match was die met Silas.’

Silas: ‘Voor mannen is tinderen sowieso een heel andere ervaring dan voor vrouwen. Mijn ervaringen met die app waren vrij positief. Of toch zeker minder crimineel. (lacht) Toen ik Kat leerde kennen, zat ik aan het eind van een periode waarin ik vooral van het leven wilde profiteren. Wat flierefluiten. Ik had daarvoor een relatie gehad van bijna twee jaar en had nood aan wat luchtigheid. Maar toen wij elkaar leerden kennen, werd het toch vrij snel duidelijk dat er meer aan de hand was dan een losse flirt.’

‘Silas van Tinder!’

Kat: ‘Ik was intussen overgeschakeld op Tinder Gold. Dan kan je, tegen betaling weliswaar, meteen zien wie jouw profiel naar rechts heeft geswipet. Wanneer iemand je leuk lijkt, heb je dus sowieso een match. Met Silas schakelde ik vrij snel over op Whatsapp, waar we een paar dagen aan de lopende band berichtjes over en weer stuurden. Dat was in het weekend, en op dinsdag spraken we al af. We hebben er snel werk van gemaakt.’

‘Dat we een serieuze relatie hadden, en exclusief waren, dat hebben Silas en ik onderling heel lang niét uitgesproken’

Silas: ‘We spraken af op café. Ik weet nog dat ik binnenkwam en, waarschijnlijk veel te luid, zei: ”Hallo, ik ben Silas, van Tinder!” Achteraf vertelde Kat me dat ze zich daardoor gegeneerd had gevoeld. (lacht) Het klikte wel meteen. We hebben die avond vooral gepraat over de mensen rondom ons, wat geroddeld over de andere cafégangers.’

Kat: ‘Geen heel diepgaande gesprekken dus. (lacht) Maar we boeiden elkaar wel, en we bleven ook heel lang zitten. Silas wilde ook bij me blijven slapen, zonder dat er iets gebeurde. Dat gaf me een heel fijn gevoel. Ik was gewend om vrij snel naar bed te gaan met dates en dat had me doorheen de jaren maar weinig opgeleverd.’

Silas: ‘Ik was getriggerd door Kat en wilde haar zeker nog eens zien. Niet dat ik Tinder meteen van mijn telefoon heb gegooid, maar ik ben wel gestopt met swipen. Het is heel moeilijk om het moment aan te stippen waarop je denkt: hier zit iets in. Ik weet zelfs niet of zoiets bewust gebeurt. Maar het moet er wel zijn geweest.’

Kat: ‘Een paar dagen later sprak ik af met een vriendin. Pas helemaal aan het eind van de avond vertelde ik haar over mijn date met Silas. Heel atypisch, ik was zo iemand die onmiddellijk, soms zelfs al meteen na de afspraak, verslag uitbracht bij vriendinnen. Dat ik dat nu eens niet deed, er om de een of andere reden rustiger onder bleef, voelde ook voor mezelf beter aan.’

Silas: ‘De tweede date volgde snel, diezelfde week nog. Dat we beiden niet op onze mond zijn gevallen en veel humor hebben, maakte dat die gesprekken nooit saai werden. Dat vond ik vroeger het allerergste aan een date. Dat het niet klikt of op niks uitdraait, oké, dat gebeurt. Maar een saai gesprek? Vreselijk.’

Handjes vasthouden

Kat: ‘De verliefdheid was er vrij snel. Toen ik over Silas vertelde aan die vriendin, begon ik het echt te voelen. Door het uit te spreken, door het te delen. Maar dat we een serieuze relatie hadden, en exclusief waren, dat hebben Silas en ik onderling heel lang niét uitgesproken. We wisten dat wel van elkaar, maar hadden er geen gesprek over gehad. Dat gebeurde pas na drie maanden.’

Silas: ‘Ik weet nog dat we aan de uitgang van de zoo van Antwerpen stonden, en daar voor het eerst elkaars hand hebben vastgehouden. Dat was de eerste keer dat we ons openlijk als koppel lieten zien, met een onnozel gebaar eigenlijk.’

Kat: ‘Tijdens dat hele bezoek aan de zoo waren we wat aan het twijfelen: moeten wij nu elkaars handje vasthouden of niet? Ik ben iemand die de dingen graag benoemt, maar ze daardoor ook wat ongemakkelijk maakt. Dus toen het dan aan het eind van het bezoek gebeurde, voelde dat heel raar. Mijn eigen schuld. (lacht)

Silas: ‘Mijn ervaringen met relaties waren anders dan die van Kat. Ik ben eigenlijk altijd serieel monogaam geweest. Relaties die van een paar maanden tot een paar jaar duurden. En ik had ook al samengewoond met een lief.’

Kat: ‘Ik nog nooit. Voor ik Silas leerde kennen, ben ik twaalf jaar single geweest. Ik had natuurlijk wel flirts en hier en daar eens een korte relatie, die enkele maanden standhield, maar het liep altijd weer af. Ik viel ook vaak op jongens van wie ik dacht: hij zal nog wel verliefd worden. Dus ging ik met hen feesten en met ze naar bed, maar daar kwam nooit iets serieus van.’

Silas: ‘Ik was in die periode aan het cohousen en woonde en sliep eigenlijk in een kelder. Een half jaar nadat we elkaar hadden leren kennen, is Kat even bij me komen wonen, omdat ze zelf tussen twee appartementen in zat.’

Kat: ‘Ik had een appartement gekocht, alleen. Op mijn naam. Ik wilde dat, als een soort zekerheid voor mezelf: als het fout gaat, dan heb ik toch iets van mezelf. Maar in die tussenperiode woonde ik met Silas en zijn vrienden samen. We leefden met ons tweeën in een heel kleine ruimte, in die sous-sol. Zo noemden we de kelder, om hem toch wat standing te geven. (lacht)

Silas: ‘De coronacrisis brachten we door op haar nieuwe appartement, van vijftig vierkante meter. Als je met twee mensen in zo’n kleine ruimte leeft, kan het twee richtingen uit: of het werkt, of je slaat elkaar de kop in. Het werkte wonderwel. In die mate zelfs dat we een huis kochten, er in vierkante meters veel op vooruit gingen, en daar heel erg aan moesten wennen.’

Kat: ‘Soms zijn we elkaar echt kwijt in huis. Dan zit Silas ergens in een kamer te werken en zit ik voor de tv, en moeten we echt roepen naar elkaar: waar bén jij?’

Geen bijlmoordenaar

Silas: ‘Ik heb nooit heel actief nagedacht over kinderen. Kat wilde er graag eentje, en toen dacht ik: als ik het doe, dan met deze vrouw. Ik ben iemand die redeneert vanuit het slechtste scenario. Bij Kat weet ik dat mijn niet kind kwijtraak als het toch fout zou gaan tussen ons. Dat er tussen ons nooit zotte ruzies zullen zijn of we elkaar het leven niet zuur zouden maken.’

Kat: ‘Ik wilde altijd al graag een kind, zelfs zonder een man. Eerst lag mijn deadline op dertig, maar toen ik op dat moment nog niet klaar was voor zo’n beslissing, verschoof dat naar vijfendertig. Die leeftijd lonkte toen ik Silas leerde kennen. Bij hem voelde ik dat hij de vader van mijn kind zou kunnen worden.’

Silas: ‘Ons zoontje Obi is nu acht maanden oud. Nog altijd word ik soms ’s morgens wakker en denk ik: o ja, juist, ik ben papa. Het is een rol waar je heel natuurlijk in groeit, maar soms vergeet ik het een paar seconden. Ook als koppel verander je. Er is minder tijd voor jezelf, maar ook voor elkaar.’

Kat: ‘We willen het wel bij eentje houden. We zijn niet meer zo jong, en we willen niet kapotmaken wat er nu is. De zwangerschap en bevalling verliepen heel goed. Obi heeft uiteraard soms zijn kuren, maar is een gemakkelijk kind. We zitten goed, met ons drietjes.’

Silas: ‘We zijn wel verloofd. Niet dat trouwen zo belangrijk voor ons was, maar we vinden de symboliek erachter toch mooi. Dan kies je écht voor elkaar. Wanneer het ervan komt, is nog niet concreet. Als er wat meer geld is, en Obi wat groter is.’

Kat: ‘We zijn trouwens, in vogelvlucht, op maar enkele kilometers van elkaar opgegroeid. Het kan dus niet anders of wij moeten elkaar zijn tegengekomen, vroeger, in cafés en op feestjes. En toch zouden we elkaar zonder Tinder waarschijnlijk nooit hebben leren kennen.’

Silas: ‘Mijn profieltekst ging als volgt: “Leuke avond? Leuk gesprek? Geen bijlmoordenaar!” Ik denk dat die humor ons heeft samengebracht. En ons ook samenhoudt. Wij lossen heel veel op al lachend, in plaats van kwaad te worden.’

Kat: ‘Als Silas iets doms doet in het huishouden, bijvoorbeeld zijn sokken naast de wasmand leggen in plaats van erin, kan je daar als vrouw enorm over gaan zeuren. Maar ik moet daar net heel hard om lachen: waarom niet gewoon erín? En dan liggen we vaak samen strijk.’

Mensen vertellen wat voor goeds en kwaads de liefde aanricht in hun leven. Wilt u graag uw verhaal vertellen? Mail naar joke@jokevancaesbroeck.be

Aangeraden

Niet te missen