camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

Kinderrechten

Kinderen hebben te weinig inspraak bij scheiding

Jongeren mogen zelden hun mening geven in zaken die hen aanbelangen, zoals hun verblijfsregeling na de scheiding van hun ouders.

zaterdag 21 mei 2022 om 3.25 uur

Kinderen onder de twaalf moeten vragen om gehoord te worden. Getty Images

‘In het vonnis van de scheiding van mijn ouders staat dat het akkoord niet ingaat tegen de belangen van de minderjarige kinderen. Maar dat wéét die rechter toch niet? Want hij kent het verhaal niet. Als de rechter mij gehoord had, zou dat een ticketje geweest zijn voor een betere toekomst.’

Familierechters zijn alleen verplicht om minderjarigen te horen wanneer de ouders zelf niet tot een akkoord komen. Die verplichting geldt pas vanaf twaalf jaar. Daardoor staat een grote groep kinderen en jongeren buitenspel: jongeren van wie de ouders een echtscheiding in onderlinge toestemming afsluiten, en kinderen onder de twaalf jaar.

   • Opinie | Zet geweldloze opvoeding in de wet

Zij mogen zelf vragen om ­gehoord te worden, maar vaak weten ze dat niet en familie­rechters zijn er terughoudend in. Het kinderrechtencommissa­riaat (KRC) beveelt aan om alle minderjarigen hun spreekrecht te ­laten uitoefenen, als die kinderen dat zelf willen.

Niet kiezen tussen ouders

De informatie die kinderen en jongeren over de rechtszaak krijgen, moet ook op hun maat zijn, zodat ze geen verkeerde gedachten krijgen of verkeerde verwachtingen koesteren. Soms denken ze te positief, bijvoorbeeld dat dit betekent dat ze zelf kunnen beslissen waar ze verblijven. Helaas voor hen geeft de helft van de ­familierechters aan dat de info die ze van de minderjarigen ­krijgen, niet doorslaggevend is.

‘Als de rechter mij gehoord had, zou dat een ticketje geweest zijn voor een betere toekomst’ Getuigenis jongere 

En dan het gesprek zelf. Iets meer dan de helft van de kinderen en jongeren kreeg te horen dat ze niets moesten vertellen wat ze niet wilden vertellen, en amper twee kinderen werd verteld dat ze niet moesten kiezen tussen hun ouders. De meesten vonden niet dat alles aan bod was gekomen wat zij belangrijk vonden. Een derde heeft het gevoel dat ze niet serieus genomen werden, wat tot veel frustraties leidt. Ze voelen zich niet op hun gemak als de rechter een toga draagt en vinden het intimiderend als ze in de ­zittingzaal ontvangen worden.

Het KRC beveelt aan om een aanspreekpunt voor kinderen en jongeren op de rechtbank te ­creëren: een persoon bij wie ze vooraf en achteraf terechtkunnen met vragen. Pas ook de wet aan, zegt het KRC, zodat jongeren ­altijd vergezeld kunnen worden door een vertrouwenspersoon.

 getty images

‘Het is moeilijk om je verhaal van jaren samen te vatten in een kwartiertje. Het voelde zoals bij een dokter in de wachtzaal. Hup, hup, en snel naar de volgende. Door de stress vergat ik wel een paar ­dingen te zeggen.’

Er leeft ook veel onbehagen bij jongeren over wat er na het ­gesprek gebeurt. Er was niemand om mee te praten over die ­ervaring. Ze moesten meteen naar hun vader of moeder, die meteen vragen begon te ­stellen. Ze zijn ontgoocheld als ze later horen wat er beslist wordt en vinden dat er geen rekening is ­gehouden met hun mening.

De citaten komen uit het rapport ‘Het kind weegt te licht’ van het KRC. Het is gebaseerd op gesprekken met 31 jongeren.