ANALYSE DE STEMMING

Waar gaan de stemmen heen sinds 2019?

vrijdag 13 mei 2022

Dat CD&V kiezers verliest en Vlaams Belang er wint, dat wist u al. Maar waar gaan die kiezers heen of waar komen ze vandaan? De cijfers achter De Stemming brengen de lekken en de nieuwe reservoirs van partijen voor het eerst in beeld.

Dirk Waem (Belga)

 

Vaak wordt een politieke peiling gereduceerd tot dat ene cijfer na de komma per partij, namelijk de kiesintentie: hoeveel mensen geven aan op dit moment op een bepaalde partij te zullen stemmen? Dat cijfer komt met een foutenmarge en geeft aan of partijen tegenover de verkiezingen eerder op winst dan verlies staan. Het beeld uit De Stemming, het jaarlijkse opinieonderzoek door de Universiteit Antwerpen en de VUB in opdracht van De Standaard en VRT.Nws, biedt een helder overzicht: Vlaams Belang, Vooruit en de PVDA staan duidelijk op winst, CD&V en Open VLD duidelijk op verlies, bij Groen en de N-VA slabakt het, maar lonkt eerder de min dan de plus.

Tot zover het verhaal dat u kent. Maar wat daarbij onderbelicht blijft, zijn de bewegingen tussen die winnaars en verliezers. De stemmen die CD&V verliest, gaan natuurlijk elders heen. Omgekeerd komen die extra stemmen voor Vooruit of Vlaams Belang ergens vandaan.

In een dynamische grafiek vergelijken we per partij hoeveel kiezers ze konden vasthouden sinds 2019 en waar ze kiezers verliezen en winnen. Dat is belangrijk, omdat het voor elke partij duidelijk maakt hoe trouw hun kiespubliek is, wie hun grootste concurrenten zijn, of waar misschien de belangrijkste reservoirs van nieuwe kiezers zitten.

Het moet wel duidelijk zijn dat die oefening niet alles zegt. Zo analyseert ze het stemgedrag niet van al wie in 2019 niet wilde of mocht stemmen. Bovendien zijn die bewegingen, gegeven de foutenmarge van de totale peiling, niet in steen gebeiteld. Een op de tien kiezers geeft ook aan nog niet te weten op wie hij of zij zal stemmen.

 

In deze grafiek zetten we links de uitslagen per partij bij de Vlaamse verkiezingen van 2019, rechts de peilingresultaten.

Voor alle partijen geldt dat ze niet al hun kiezers uit 2019 hebben kunnen vasthouden. Bijna één op de vijf kiezers (23 procent) is al geswitcht van partij. Maar achter dat gemiddelde gaan duidelijke verschillen schuil.
Dat bewijst meteen CD&V, waar meer dan een derde van de kiezers (37 procent) andere oorden opzoekt. De grootste groep daarvan trekt naar de N-VA, maar, en dat is opvallender, ook aan Vooruit verliest de partij.

Veel mensen gaven in De Stemming aan op CD&V te stemmen uit gewoonte, maar een belangrijk deel breekt met die gewoonte. Omgekeerd kan die partij amper kiezers weglokken bij andere partijen. Het resultaat is logischerwijze een electorale krimp.
Ook bij Open VLD lekken de stemmen weg langs alle kanten, ook hier weer in de eerste plaats naar Vooruit en de N-VA. De liberalen verliezen ook stemmen aan Groen, maar snoepen er ook weer af van die partij, waardoor het verlies beperkt blijft. Tel daar de extra stemmen bij die van bij de CD&V komen, en Open VLD kon het bloeden nog stelpen. Maar de cijfers tonen een partij waar te veel kiezers potentieel uitwaaieren.
De enige traditionele partij in goede vorm is daardoor Vooruit. Al zitten ze ook met een lek, namelijk richting het linksere PVDA. Bijna een op de tien socialisten kiest ondertussen voor de marxisten.
Maar omgekeerd kunnen ook de socialisten marxisten bekeren. En het overblijvende verlies wordt meer dan gecompenseerd dankzij een forse instroom van bij Groen en in mindere mate CD&V en Open VLD. Opvallend, Vooruit kan ook mensen charmeren die in 2019 op marginaal kleine partijen stemden zoals Dier/Animal of de Piratenpartij. Uiteraard gaat het daarbij over erg kleine electoraten.
Kijken we dan naar de PVDA, dan valt op dat de partij toch wel breed rekruteert. Zelfs bij de N-VA, CD&V en Vlaams Belang ruilen mensen hun stem voor de PVDA. De potentiële concurrentie zit vooral bij Vooruit en Groen.
Na CD&V heeft Groen de meeste moeite om stemmen bij te houden, met een wel heel duidelijk lek richting Vooruit. Dat dichten wordt de eerste opdracht van de nieuwe voorzitters die de partij zoekt. Omgekeerd kan de partij veel moeilijker socialisten overtuigen. Dan lijken liberalen en PVDA’ers nog makkelijker de weg naar Groen te vinden.
Komen we dan bij de twee grote partijen in deze peiling: N-VA en Vlaams Belang. Die blijven elkaars grootste concurrent. Staan ze in de peiling nek aan nek rond de 23 procent, dan betekent dat voor de N-VA wel verlies tegenover 2019, terwijl Vlaams Belang op forse winst staat. En die winst van Vlaams Belang gaat inderdaad vooral ten koste van de N-VA, dat bijna 14 procent van zijn electoraat ziet wegtrekken naar die partij. Geen enkele partij zit met zo’n groot lek richting een concurrent. Opvallend, ook Vooruit en zelfs de PVDA zijn partijen waar kiezers dreigen heen te lopen. Samen met Vlaams Belang zijn het alle drie partijen die hoog inzetten op het koopkrachtthema. Als de N-VA nog stand houdt tegenover 2019, dan vooral dankzij de instroom van CD&V-kiezers.
Eindigen we tot slot bij Vlaams Belang. Dat is een haast oninneembaar fort van bijzonder trouwe kiezers. Meer dan negen op de tien van hen blijft bij zijn stem uit 2019, een ongelooflijk hoog percentage. Er zijn dus amper verliezen aan andere partijen. De tijd dat de partij leeggezogen werd door de N-VA ligt al even in het verleden. Het is nu vooral de N-VA die verliest aan het Vlaams Belang.

Conclusie: electoraal succes begint bij het vasthouden van je bestaande kiezers. Vooral Vlaams Belang doet dat voortreffelijk, Vooruit en de PVDA doen het redelijk, maar de andere partijen zitten met een te grote uitval om comfortabel te zijn. In al die gevallen kan het zelfs niet gecompenseerd worden door een voldoende grote instroom, waardoor zowel CD&V, Open VLD, Groen als de N-VA geen significante winst boeken.

De volatiliteit van de kiezers indachtig, ligt er richting 2024 nog niets vast, natuurlijk. Bij de vorige verkiezingen van 2019 had bijna één op de drie kiezers van partij gewisseld, zo bleek achteraf. Een op de vijf kiezers heeft zijn mening nog tijdens de campagne gewijzigd. De rapporten worden pas op het einde uitgedeeld, maar de partijen kunnen al beginnen hun huiswerk te maken.

Tekst: Jan-Frederik Abbeloos; Datavisualisatie: Andy Stevens & Tina Boeykens; Bronnen: De Stemming 2022, Stefaan Walgrave (UA), Jonas Lefevere (VUB)