camera closecorrect Verwijs ds2 facebook nextprevshare twitter video

opinie Gastronomie

Hebben etentjes van meer dan 300 euro nog een toekomst?

houdt van lekker eten en fijne wijnen. Hij is auteur van onder meer Vlaamse foodies en Wijn in België.

donderdag 3 februari 2022 om 3.25 uur

Steeds meer topchefs sluiten hun sterrenrestaurant en kiezen voor eenvoudiger, al dan niet vernieuwende concepten. Filip Salmon juicht die evolutie toe, want in pakweg de betere bistro zit de essentie van lekker eten.

Christophe Hardiquest, chef van Bon Bon: tijd voor eenvoud. Benoit doppagne/belga

Bon Bon, het tweesterrenrestaurant van topchef Christophe Hardiquest, is weldra niet meer. Het beste Brusselse restaurant kondigde deze week aan dat het er in juni mee ophoudt (DS 31 januari). De chef en zijn vrouw willen, na een mooie carrière van 20 jaar, een andere richting uit – nog altijd ‘iets met eten’, maar dan anders.

   • Christophe Hardiquest: alweer een topchef die ermee stopt

Jammer. We zullen ons dus niet meer kunnen neervlijen in de comfortabele fauteuils, in het taupe interieur van de statige villa aan de Tervurenlaan. En ik kan dat zo wel schrijven, alsof ik er zelf geweest ben, maar dat is niet zo – ik baseer me op de foto’s ­online. Nochtans had ik er graag een mooi moment gevierd, samen met mijn vriendin, bijvoorbeeld, maar toen ik haar dat voorstel deed, vroeg ze mij argwanend hoeveel ons uitje zou kosten. En hoewel ik vlotjes argumenten als ‘culinair meesterschap’, ­‘bestemmingsrestaurant’ en ‘hemelse creaties’ uit mijn mouw schudde, trok zij bleek weg toen ze het prijskaartje hoorde: 260 euro voor het ­menu (begeleidende wijnen voor 115 euro niet inbegrepen). Per persoon. ‘Indécent!’, zei ze – in het Frans, want ze is Française, wat het allemaal nog dramatischer maakte. En ze is niet ­alleen, vrees ik. Toen ik onlangs enkele onverdachte foodie-vrienden polste om misschien toch één keer in ons leven naar Hertog Jan te gaan (menuprijs: 345 euro) kreeg ik volgend antwoord: ‘Het zal wel die waarde hebben, maar vanaf een bepaald bedrag heb ik er moeite mee, en 345 euro is ­zeker te veel.’

Casual brut

Hebben etentjes van meer dan 300 euro nog toekomst? Als je de online wachtlijsten bij pakweg Hertog Jan of The Jane bekijkt, is het antwoord duidelijk ja. Er zal altijd wel een publiek voor zijn. Wat is er ook mis met geld te investeren in je passie, of dat nu gastronomie dan wel mode of sport is? Toch lijken we het er stilaan mee ­gehad te hebben – ook als restaurateur. De chef van Bon Bon, die 19,5 op 20 haalt in Gault&Millau en twee ­Michelinsterren op zak heeft, verklaarde in een interview met de RTBF dat zijn restaurant ‘un obstacle à son développement’ was geworden. De verantwoordelijkheid die met zulke scores komt, woog te zwaar. En dus wil hij het anders aanpakken.

Welke chef met naam en faam heeft de afgelopen jaren géén ‘easy going’ concept opgericht, genre bistro, foodbar of ­deli?

Hij is trouwens niet alleen: verschillende chefs zijn hem al voorgegaan in die evolutie. En ook: welke chef met naam en faam heeft de afgelopen jaren géén ‘easy going’ concept opgericht, genre bistro, foodbar of ­deli? De bekende gidsen volgen trouwens. Ook zij hebben meer aandacht dan vroeger voor eenvoudige restaurants of andere concepten met een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding – denk maar aan de POP-selectie van Gault&Millau.

Tot slot is er natuurlijk het publiek. De combinatie van eenvoudig, toegankelijk en tegelijk inventief of net klassiek, kunnen we duidelijk wel smaken. Als Brussel een Belgisch ­laboratorium mag zijn, dan kan ik u zeggen: het loopt in mijn stad stilaan over van de ‘casual’, ‘sharing’, ‘bistronomie’ of ‘brut’-concepten die kwaliteit willen brengen, op een rechttoe rechtaan manier. Hypes? Misschien, maar ze houden wel al verschillende jaren aan, ze wijzen in een bepaalde richting en de wachtrijen online of zelfs buiten (!) worden alleen maar langer.

Respect en lof

Dat is een goeie evolutie. Versta me niet verkeerd: ik hou van sterren­zaken, of beter gezegd: éénsterren­zaken. Ik hou van het betere restaurant. Het is altijd feest als ik er nog eens naartoe mag (lees: als ik nog eens ­iemand overtuigd krijg). Voor wat je betaalt, krijg je veel moois terug. En onze topchefs verdienen alle respect en lof.

Maar tegelijk hoop ik dat de toekomst aan de eenvoud en de toegankelijkheid is, aan de betere bistro of aan zijn alternatieve evenknieën. Daar zit de essentie van lekker eten. Het zal het leven van chefs en hun ­gezin ook makkelijker maken – ­bevrijd van te veel druk, van te grote verantwoordelijkheid en alle investeringen die daarbij horen.

Laat dát misschien een nieuw ­ideaal zijn voor de talentvolle jonge chefs die straks weer afstuderen aan onze vermaarde hotelscholen. Het is immers niet al ster wat blinkt.

Aangeraden

Niet te missen