Foto: Photo News

Anderlecht speelt beste uitmatch van het seizoen, maar pakt slechts een punt in Gent

Zonder Yaremchuk lukte het nog. Zonder Yaremchuk en Depoitre ook. Maar winnen zonder Yaremchuk, Depoitre én Kums? Neen, dat was te lastig voor AA Gent. Een Anderlecht dat buitenshuis zijn beste minuten van het seizoen speelde, pakte een punt. Nog maar als derde ploeg in de Ghelamco Arena dit seizoen. Leuk voor hen, al zijn het vooral driepunters die een PO1-droom in leven kunnen houden.

AA Gent – Anderlecht was geen goede topper. Zeker voor rust. Een festival van slechte passes, misverstandjes, veel te bruuske tackles – niet uit slechte wil, eerder uit laattijdigheid – en veel te weinig uitgespeelde kansen.

Anderlecht liet nog het meeste zien. Met Francis Amuzu die alleen opdook voor Thomas Kaminski, met Michel Vlap die zijn voet vergat te zetten tegen een lage voorzet, met Antoine Colassin die dankzij een Gentse teen en een ellenlange VAR-interventie kon scoren met het hoofd. De spits was een van de redenen waarom paars-wit twintig minuten de bovenhand kon nemen in die eerste helft in de Ghelamco Arena. Hij, de man die beter gisteren dan morgen een enkeloperatie ondergaat om op zijn 18de pijnvrij te kunnen voetballen. Tekenend. Ook tekenend: een Franstalige Anderlecht-watcher die de twintig minuten van RSCA omschreef als het beste wat paars-wit dit seizoen al op verplaatsing heeft laten zien. Dan kom je van ver.

Én Yaremchuk én Depoitre én Kums

Ach, ons pessimisme is misschien ook gevoed door een te hoog verwachtingspatroon. Anderlecht zijn goede periode was inderdaad dik oké – zeker voor een ploeg op verplaatsing – het was vooral de makke start van AA Gent die verbazing opwekte. Het centrale duo Plastun-Ngadeu dat na een paar keer slecht doordekken op flanellen benen begon te voetballen, de Brusselse flanken Amuzu en Jérémy Doku die angst inboezemden, Elisha Owusu met zijn minste – ja, toch? – 45 minuten van het seizoen en Vadis Odjidja die absoluut niet draaide. En als hij niet draait, dan draait AA Gent niet. Dat credo kon u hier eerder al lezen.

Had Sven Kums dan kunnen helpen, horen we u denken? Zeker. De Buffalo’s bewezen al dominant te kunnen voetballen zonder Roman Yaremchuk, zonder Yaremchuk en Laurent Depoitre, maar zonder Yaremchuk, Depoitre – hij was nog niet hersteld van de voetblessure die hem de partij op Mechelen deed missen – én Kums was te veel van het goede om de machine optimaal te laten redeneren. Zijn vervanger Sulayman Marreh had het gewoon te moeilijk. De 0-1 van Colassin was met andere woorden terecht.

Geluksmomentjes

Op zo’n moment heb je als club een gelukmomentje nodig. Zo’n actie die alles plots weer in je voordeel doet draaien. De Buffalo’s kregen zo’n momentje. Of dwongen het af, het is maar hoe u het bekijkt. Anderson Niangbo mocht na twee goals in de voorbije twee matchen in de basis starten en snelde plots de hele Brusselse rechterflank voorbij. Marco Kana haakte hem, strafschop. Jonathan David bedankte, Gent zou dat laatste kwartier zichzelf lichtjes herstellen. Een vervolg na rust – Owusu ging eruit voor de wederoptredende Brecht Dejaegere – kwam er wel niet meteen. Eerder een herhaling. Gent dat weer slordig werd, Anderlecht dat het neus aan het venster kwam steken. Colassin - hij weer - die een hakje miste en dan Michel Vlap plots. Iets na het uur alleen voor Kaminski, maar de doelman hield zijn ploeg opnieuw recht.

Wake-up call voor Gent, nogmaals. Alleen namen de Buffalo’s niet over. Een gelukmomentje bleef uit, Anderlecht kwam, bleek komen, creëerde, maar scoorde niet. Ondanks gigantisch nerveuze en spannende slotminuten waarin beide ploegen nog voor de drie punten wouden gaan. De woorden van de Franstalige journalist passeerden weer door onze gedachten: dit Anderlecht was het beste paars-wit op verplaatsing van dit seizoen. Feit. Al behaalde het dus maar een punt. Leuk voor hen, maar om PO1 te bereiken heb je driepunters nodig. Zeker nu.

De podcasts van De Standaard