Anderson Paak & The Free Nationals: vuurbol vol fun(k)

Yes Lawd! Wat stond soulbrother number one - sorry James - meteen ge-wel-dig te funken op het hoofdpodium. Eén keer mepte Anderson Paak op zijn drumvellen, en de zon begon spontaan te schijnen. Niemand negeert de funk, zelfs die vuurbol in het zwerk niet.

Paak moet het in de smiezen gehad hebben, want hij had zich uitgedost in zijn kleurrijkste Hawaii-hemdje en dito shortje. Maf hoedje op de kruin, rode zonnebril op de neus, een smile waar zelfs Sly Stone jaloers op zou zijn. Het werkte aanstekelijk, vanaf opener ‘Heart don’t stand a chance’ stond de hele wei enthousiast te armzwaaien. Meegesleurd in de aanstekelijke, eerlijke energie van de De Californische soulprins.

‘Scream at the sun!’ riep het zonnekind terwijl hij van achter zijn in plastic klimopslierten gehulde drumvellen kroop. Zijn wat minder geïnspireerde laatste show in ons land veegde hij in één keer van de vloer. Vooral dankzij het oprechte plezier dat hij samen met zijn soepel funkende Free Nationals uit zijn muziek puurde. Een loom ‘Saviers Road’, een hoekig ‘Come down’, een poppy ‘Tints’: de ene nog donkerdere groove zoog de andere op in een fenomenale draaikolk van funk, rap en soul. God zat vooral ook in de details, het zwoele gekir van backingzangeressen, bijvoorbeeld, of de betoverende wahwahlikjes van zijn trompettist.

‘Don’t be afraid to dance’, zei de meester met pretlichtjes in de ogen. Niemand die hem niet gehoorzaamde. De woke seventiesfunk van ‘King James’ en het in een blaxploitationgroove getrokken ‘6 summers’ herinnerden er ook aan dat Paak zijn blik op de wereld wijdopen houdt. ‘Ik zie mensen van verschillende achtergronden, beautiful freaks’, zei hij zonder te preachen, ‘laat ons één zijn.’ Van Paak pik je dat.

De magie werd even op pauze gezet voor een lik pianojazz van zijn toetsenist, waarna die Ginuwines ‘Pony’ door de talkbox mocht draaien. Paak smokkelde ondertussen een verjaardagscake voor zijn bassist uit de coulissen, die hij vervolgens ginnegappend in zijn gezicht mikte. En hup, de soulman knipte een seconde later de magie gewoon weer aan met ‘Suede’, van zijn andere band NxWorries, en het aan K-Dot-hiphop likkende ‘Bubblin’. Lekker bouncen op die real shit!

‘Am I wrong’ en ‘Lite weight’ zetten met een verleidelijke discobeat de wei helemaal op haar kop, Paak keek het met groeiende verbazing aan. ‘This shit is lit!’ lachte Paak zijn tanden nog wat verder bloot - ja, dat kón. Toen ‘Jet black’ ontplofte in een stel vuurpijlen, kon je alleen maar meegaan in zijn ontwapenende verbazing over de ‘crazy special effects’.

Paak stopte de wei nog een laatste toetje toe met ‘Dang!’, een nummer van zijn vorig jaar aan een overdosis bezweken maatje Mac Miller. ‘I can't keep losing you’, mijmerde Paak weemoedig terwijl Miller met een sample een paar bars over de wei mocht strooien. Hemelser hoefde het niet te worden. Yes lawd!

De podcasts van De Standaard