Foto: REUTERS

Trump laat Franse Google-tax onderzoeken

De Verenigde Staten gaan uitzoeken of de nieuwe Franse belasting op digitale diensten discriminerend is.

De Franse senaat heeft de nieuwe wet zojuist goedgekeurd. De nieuwe belasting, die in de volksmond de Gafa-tax wordt genoemd, is een poging om grote internetbedrijven ertoe te bewegen belastingen te betalen in de landen waar ze actief zijn, in plaats van in de landen waar de tarieven het laagst zijn. De grote digitale multinationals betalen nu gemiddeld 9 procent belasting, de traditionele bedrijven 23 procent.

Frankrijk had gepoogd zo’n belasting op Europese schaal in te voeren, maar is daar niet in geslaagd. De Fransen voeren nu als eerste een heffing in op de omzet van digitale bedrijven, in plaats van op de winst. Bedrijven met een digitale omzet van 750 miljoen euro wereldwijd en 25 miljoen euro in Frankrijk betalen 3 procent belasting op die omzet. Dat moet dit jaar 400 miljoen euro opleveren. Vooral Amerikaanse bedrijven zoals Google en Facebook zullen erdoor getroffen worden, maar ook enkele Franse bedrijven voldoen aan de voorwaarden. Groot-Brittannië en Spanje werken aan een gelijkaardige belasting.

Onder de vleugels van de Oeso wordt al gewerkt aan een wereldwijd raamwerk voor zo’n belasting. Vorige maand bereikten de ministers van de G20 een akkoord over zo’n digitale tax. Ook de Verenigde Staten konden zich toen vinden in die aanpak. Maar Frankrijk is vastbesloten een voortrekkersrol te spelen.

Oneerlijke handelspraktijk?

Robert Lighthizer, de Amerikaanse handelsvertegenwoordiger, gaat op vraag van president Donald Trump onderzoeken of de wet Amerikaanse bedrijven discrimineert of onredelijk behandelt. Als de belasting als een ‘oneerlijke handelspraktijk’ wordt erkend, kunnen de VS tegenmaatregelen treffen. Tegelijk zei Lighthizer dat de VS met de Oeso blijft meewerken aan een multilateraal akkoord over eerlijkere belastingen.

Het nieuws uit de VS weerhield de Franse senatoren er niet van om de wet goed te keuren. Integendeel. Ze benadrukten de soevereiniteit van hun land, en het rechtvaardige karakter van de nieuwe heffing. ‘Als bondgenoten zouden we onze meningsverschillen op een ander manier moeten kunnen uitpraten dan via bedreigingen’, zei minister van Economie Bruno Le Maire.