Foto: GEERT TRESIGNIE

Hammer Series Stavanger met Evenepoel: “Compliment van Dumoulin was tot nu toe één van de hoogtepunten”

In het Noorse Stavanger wordt van vrijdag tot en met zondag de Hammer Series georganiseerd, een revolutionair wedstrijdformat op initiatief van Velon, een belangengroep die heel wat teams uit de World Tour verenigt. Deceuninck - Quick Step rekent onder anderen op Remco Evenepoel.

Het toptalent van Deceuninck - Quick Step kreeg na de Ronde van Romandië drie weken zonder competitie voorgeschreven. De Brabander hervat de competitie komende vrijdag in Noorwegen voor de Hammer Series, een driedaagse met een klim- en sprintetappe, afgesloten door een achtervolging. De lokale organisatoren kregen de kans om een babbeltje te doen met Evenepoel.

Ineens van de juniores naar de profs overstappen heeft er velen verbaasd. Hoe werd je door je ploegmaats verwelkomd op het eerste trainingskamp?

”De ontvangst was warm maar ik kreeg zeker geen voorkeursbehandeling tegenover de andere nieuwkomers. Ze hebben me getest om te zien welk niveau ik al had. Tijdens dat trainingskamp hebben we enkele wedstrijdjes gehouden en daar heb ik hen toch een klein beetje pijn kunnen doen. Het was leuk.”

Voelde je enige druk?

“Ik was gemotiveerd om te laten zien dat ik al goed was. Misschien lag mijn niveau daarom een beetje hoger dan het niveau van de renners die nog niet zoveel hadden getraind. Maar echt super was ik ook nog niet, hé.”

Je maakte wel meteen indruk tijdens je eerste wedstrijd in de Ronde van San Juan.

“Dat klopt! Het was de ideale manier om te debuteren. Vooral de tijdrit, waarin ik derde werd, was speciaal voor mij. Toen ik in de hot seat mocht plaatsnemen, dacht ik heel even aan winnen. Jammer genoeg veranderde de windrichting waardoor de jongens die na mij gestart waren in het voordeel waren. Maar ik was achteraf nog altijd blij met mijn derde plaats in het dagklassement. Het was de eerste keer dat ik voelde ook op dit niveau mee te kunnen. Tegelijk besef ik dat ik nog heel veel werk zal moeten verzetten.”

Ook in de UAE Tour hield je goed stand tussen de toppers.

“Ik hoopte in de eerste bergrit top twintig te rijden en werd uiteindelijk vijftiende, op nauwelijks een minuut van Alejandro Valverde. De favorieten begonnen aan de klim aan een moordend tempo dat net te hoog lag voor mij. Dus klom ik op eigen tempo en kon ik in de slotfase nog heel wat renners passeren. Het was een uitstekend resultaat, waarschijnlijk één van mijn beste resultaten aan het eind van het seizoen.”

Waar ligt, naast de snelheid, het grootste verschil met de juniores-categorie.

“Het profleven is helemaal anders dan het leven dat ik gewend was. Vorig jaar zat ik nog op school en was ik de ganse dag bezig. Nu heb ik veel meer tijd. Ik sta op, ga soms meteen voor een ritje, neem mijn ontbijt en ga nadien opnieuw voor een ritje. Toen ik nog naar school ging, zat de dag erop na mijn trainingsirt. Nu ben ik vaak al in de namiddag thuis en moet ik niets meer doen. Dan moet je slim zijn en alles in het teken stellen van rust en recuperatie. Vooral met dat laatste heb ik af en toe nog moeite. Vermoedelijk omdat ik nog zo jong ben. Ik heb vermoedelijk wel wat foutjes gemaakt door te weinig te rusten.”

Geen advies gekregen van je ploegmaats?

“Toch wel! Dat ik er voor moet zorgen dat er altijd een thuis voor mij is bij mijn familie en dat ik mijn oude vrienden niet mag verwaarlozen. En om zeker niet thuis te blijven in de periodes dat je niet fietst. Als ik thuis ben na enkele koersdagen, raden ze me aan iets te doen met vrienden. Bowlen, bijvoorbeeld, gewoon om je hoofd leeg te maken en niet aan de koers te denken. Dat is iets wat ik nog moet leren.”

Wat was je beste moment op de fiets tot nu toe?

“Naast mijn prestaties in Argentinië en Turkije denk ik vooral aan een etappe in de UAE Tour. Er stond wind, het was oorlog en het peloton splitste. Ik geraakte vast achter een val. Ik voelde dat het nog niet snel genoeg ging. Ik viel aan en reed op mijn eentje naar het eerste peloton. Maar dan geraakte ik weer achter een val, deze keer met ploegmaat Viviani maar ook met Tom Dumoulin. Tien minuten lang heb ik aan de kop van ons peloton gesleurd en toen we opnieuw vooraan kwamen, is Dumoulin me komen opzoeken om te zeggen dat ik héél sterk had gereden. Dat was een groots moment voor mij.”

Wat vind je van het format van de Hammer Series?

“Ik heb beelden bekeken en ben klaar voor een oorlog (lacht). Ik heb liever een korte, harde wedstrijd met twee uur intensief koersen in plaats van vier uur wandelen. Misschien zijn de helingen niet zwaar genoeg voor mij maar als je ze elke ronde moet doen, dan telt het op. Ik denk dat deze format mij wel ligt.”

Zeker met jouw agressieve rijstijl!

“Akkoord! Vooral de klimwedstrijd moet bij mijn rijstijl passen. Volgens mijn ploegmaats is het één van de hardste wedstrijden van het seizoen.”

In de Hammer Series wint het team en niet het individu. Maakt het dat speciaal voor jou?

“Zeer zeker. Dat is het mooie van de Hammer Series. Je hebt je ploegmaats nodig, anders kan je niet winnen. Je moet anders denken, meer in functie van het collectief. Het is een nieuwe manier van koersen en die bevalt me wel.”