Foto: Freddy Builes / Reuters

Journalist verlaat Colombia na politieke beschuldigingen

Zondag maakte New York Times-journalist Nicholas Casey bekend dat hij zich ‘wegens foutieve beschuldigingen’ terug zou trekken uit Colombia. Hij voelde zich bedreigd, naar aanleiding van zijn kritisch artikel over de misdaadbestrijding in het Zuid-Amerikaanse land.

In zijn analyse heeft Casey het over de kill orders: officieren zouden begin 2019 de opdracht hebben gekregen om het aantal bestormingen tegen criminele organisaties en individuen op te voeren. Bovendien zou een lagere graad van bescherming van de burgerbevolking, en daarbij dus een hoger aantal burgerslachtoffers ‘aanvaard worden’. Hiervoor baseerde Casey zich op geschreven bevelen vanuit de Colombiaanse overheid en eigen interviews met ex-militairen.

De verhoogde vervolgingsquota doen  volgens de New York Times denken aan het ‘false positives’-schandaal van tien jaar geleden. Toen stond de regering recht tegenover revolutiebewegingen zoals het FARC (Revolutionaire strijdkrachten van Colombia). Daarbij lokten militairen burgers – met jobs als middel – naar afgelegen locaties, om ze dan te liquideren onder het mom dat ze lid waren van FARC. Volgens The Guardian kostte het schandaal zo’n tienduizend mensen het leven.

Twitter

Casey meldde dus dat hij zich terugtrekt uit Colombia wegens reacties op zijn stuk. Zo haalde senator María Fernanda Cabal uit naar Casey op Twitter. ‘Deze ‘journalist’ ging in 2016 mee op toer met de FARC. Hoeveel werd hij betaald voor dit verhaal?’, vraagt ze, waarmee ze doelt op de mogelijke (financiële) steun door de guerrillabeweging FARC.

Moet Nicholas Casey dan echt ongerust zijn? Voormalig hoogleraar aan de Universiteit Gent en expert Latijns Amerika An Vranckx heeft zo haar bedenkingen. ‘Uit wat ik kan afleiden van haar profiel, moet Casey zich geen zorgen maken. Ze lijkt nogal vaak haar gal te spuwen op Twitter. Een beetje zoals Theo Francken bij ons’, lacht ze.

‘Een vuil spel’

Daarenboven vindt Vranckx de link met de false positives kort door de bocht. ‘Colombia voerde na de schandalen een opkuis door: 23 hogere officieren, waaronder enkele generaals, werden buitengegooid. Het land deed sindsdien enorm veel moeite om zichzelf van criminele praktijken te zuiveren.’

‘Als New York Times stelt dat de guerrillabewegingen van toen en de paramilitairen in opmars zijn, is dat volstrekte onzin. De paramilitairen zijn in 2006 volledig gedemobiliseerd, en de FARC heeft de wapens neergelegd na het ondertekenden van het vredesakkoord van 2016. Er blijft nog een andere guerrillagroep actief, maar dat is klein bier in vergelijking met degenen die al uit de strijd zijn gestapt. En die worden dan nog eens met het vergrootglas gevolgd.’

Nultolerantie

President Iván Duque reageerde zaterdag op het artikel van New York Times in een toespraak, overgenomen door de Colombiaanse krant El Tiempo. Daarin stelt Duque dat de instructies van de Fuerza Pública – het nationale leger – ‘volledig binnen de grondwet en de nationale wetten handelt’. Er heerst daarentegen wel een ‘nultolerantie tegen schendingen van de mensenrechten’.

‘Toegegeven, er zijn nog steeds problemen’, gaat de voormalig hoogleraar verder. ‘Maar het donkere verleden op Colombia terugprojecteren vind ik een vuil spel. Het ontbreekt aan de nodige nuance’, besluit ze.

Bron: New York Times, The Guardian, El Tiempo