Foto: Bart Dewaele

Van Overtveldt vreest aanslag op spaargeld

De Europese Centrale Bank draait vandaag helemaal de geldkraan open in de hoop zo de economie aan te zwengelen. Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) is ongerust over de gevolgen daarvan, met name voor uw spaargeld. Dat zegt hij in een interview met De Standaard.

‘Wij zijn een naarstig sparend volk, wat lovenswaardig is. We moeten erop toezien dat daar respect voor is. Het kan niet de bedoeling zijn om een sluipende aanslag te plegen op het spaargeld. De mensen van de ECB moeten hun huiswerk maken.’

In een interview met De Standaard toont minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) zich erg kritisch over de plannen van ECB-voorzitter Mario Draghi om honderden miljarden euro’s in de slabakkende Europese economie te pompen en zo de groei en de inflatie weer wat op te krikken. Draghi kondigt vandaag aan hoe hij dat wil doen via de grootschalige aankoop van staatsobligaties, in het jargon de kwantitatieve verruiming (QE).

Van Overtveldt vreest dat het ‘monetaire experiment’ van Draghi niet het verhoopte soelaas zal brengen. Volgens de minister slabakt de Europese economie vooral omdat bedrijven en particulieren geen vertrouwen hebben in de toekomst. ‘Ik zie niet goed in hoe een uitgesponnen beleid van QE dat vertrouwen op zich gaat terugbrengen’.

Neveneffecten

Tegelijk waarschuwt de minister voor de mogelijk onaangename neveneffecten van de ECB-injectie, met name voor de spaarcenten van de Belgen. De miljarden van de ECB kunnen de reeds lage rentevoeten op spaartegoeden immers voor geruime tijd verder onder druk zetten aangezien banken uw spaargeld niet meer nodig hebben om voldoende liquide middelen binnen te halen.

Pikt de inflatie in zo’n context opnieuw aan – bijvoorbeeld wanneer de olieprijs weer stijgt – dan dreigt een scenario waarbij het spaargeld wegsmelt.

De kritiek van Van Overtveldt op de ECB is opvallend scherp. Hij plaatst zich zo op dezelfde lijn als de Duitse minister van Financiën, Wolfgang Schäuble, die ook bepleit dat goedkoop geld niet de manier is om groei aan te wakkeren, wel het structureel verbeteren van de concurrentiekracht en begrotingssanering.

Wat dat laatste betreft, is Van Overtveldt in het licht van de begrotingscontrole in maart formeel: ‘We moeten ons absoluut aan het afgesproken begrotingstraject houden, niet alleen om Europa te plezieren maar ook om onze eigen toekomst te garanderen.’