Foto: if

Eerste twee kinderen van Syriëstrijders mogen terugkeren

De eerste twee kinderen van Syriëstrijders mogen vanuit Turkije naar België terugkeren. De Belgische regering is ook bezig met het terughalen van kinderen uit de Koerdische kampen.

De regering heeft de opdracht gegeven aan de Belgische diplomatieke diensten in Turkije om de nodige reisdocumenten af te leveren aan twee meisjes van 2 en 4 jaar.

Het gaat om de twee dochters van de Limburgse Syriëstrijdster Amina Ghezzal (29). Ze vluchtte eind 2017 met haar kinderen uit Syrië. Ghezzal zit in Turkije in de cel, waar ze tot tien jaar is veroordeeld. Daardoor zitten de kinderen al een jaar vast. Familie­leden van de moeder reizen afwisselend naar Turkije om voor hen te zorgen. De vader van de kinderen, Abdelkarim Elouassaki, is in Syrië gestorven.

Omdat ze geen Belgische geboorteakte hebben – ze werden in Syrië geboren – konden de kinderen tot nu toe niet terugkeren. Hoewel DNA-onderzoek hun afkomst bewees, bezorgde België hen geen identiteitsbewijzen. Een Brusselse rechtbank gebood de Belgische Staat vorige maand om die papieren wél af te leveren. De twee kinderen moesten ten laatste tegen 28 januari terug in België zijn. Anders zou ons land een dwangsom van 5.000 euro moeten betalen, per kind en per dag.

De terugkeer van de eerste twee kinderen beëindigt een lange politieke discussie. Al in 2017 besliste de Belgische regering dat kinderen jonger dan tien uit Syrië mochten terugkeren. Maar ons land deed geen inspanningen om de kinderen actief op te halen. Enkele rechterlijke uitspraken brengen daar nu verandering in.

Nog meer kinderen kunnen terugkeren

Achter de schermen is de regering nog bezig om meer jonge kinderen te repatriëren. Dat bevestigde minister van Justitie Koen Geens (CD&V) vrijdag voor aanvang van de ministerraad aan de VRT.

Het gaat in eerste instantie om de zes kinderen van Tatiana Wielandt en Bouchra Aboullal die in het kamp Al-Hol in Noord-Syrië zitten. Maar in de kampen zitten nog meer Belgische kinderen. Ook voor hen zou een oplossing worden gezocht.

De regering blijft erbij dat ze zelf geen ambtenaren naar Syrië wil sturen. De hulp van een internationale humanitaire organisatie is nodig om de kinderen over de grens te krijgen. Er zouden voorbereidingen aan de gang zijn om zo’n samenwerking op poten te zetten.

De regering blijft overigens bij haar standpunt dat alleen de kinderen welkom zijn, en niet hun moeders, omdat zij zich bij terreurorganisatie IS hebben aansloten en omdat er voor hun terugkeer geen draagvlak is.

 

Niet te missen