Foto: unsplash

De crèche is twaalf uur of langer open

Vanaf januari zullen meer crèches elke dag twaalf uur of langer open zijn. Goed nieuws voor ouders die heel vroeg beginnen te werken of net pas laat gedaan hebben.

Werk en gezin combineren is een fikse uitdaging. Al helemaal als u in shiften of ook in het weekend werkt. Gesubsidieerde crèches moeten minstens elf uur per dag open zijn, maar dan nog sluiten ze vaak om 18 uur, een probleem voor wie pas laat stopt met werken. Een nieuw subsidiereglement brengt daar in 2019 verandering in.

Als gevolg van een beslissing van de Vlaamse regering kunnen kinderopvangcentra vanaf januari een subsidie krijgen als ze minstens een uur langer openblijven, bijvoorbeeld van 6 uur ’s morgens tot 18 uur ’s avonds, of op een weekend- of feestdag. 

Ouders die hun kind vroeg brengen of laat ophalen, moeten dan niet per se meer betalen. Net zoals tijdens de ‘normale’ uren, is er alleen een meerkost als je baby of peuter langer dan elf uur per dag in de opvang verblijft. ‘Al is het systeem zeker niet bedoeld om kinderen 14 uur per dag in de crèche te laten’, zegt Nele Wouters van Kind&Gezin. ‘Ouders die door hun werk flexibele opvang nodig hebben, krijgen voorrang. We vragen de uitbaters ook om rekening te houden met de draagkracht van het kind.’ 

Crèches met ruime openingsuren bestaan nu al, maar door de nieuwe subsidie moet het aanbod groeien, zegt minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V). 

Nog rap naar de winkel

De vraag naar flexibele opvang is alleszins groot, weet Soetkin Gryson van kinderopvang Pietje Pek. Zij vangen kindjes op twee locaties in Brugge op. Een ervan is open van 6 tot 20 uur en op aanvraag zelfs ’s nachts. ‘De ouders van onze kindjes werken in verschillende sectoren: de horeca en het toerisme, maar ook in de zorg en de retail bijvoorbeeld. Iedereen wil graag om 19.30 uur tijdens de week nog naar de Colruyt, maar dan moet er wel iemand de kinderen van het personeel opvangen.’ 

De laatste jaren is vooral de vraag naar opvang in het weekend gegroeid. ‘Waarschijnlijk omdat grootouders minder vaak inspringen, omdat ze zelf nog werken.’ 

Volgend jaar komen er in Vlaanderen en Brussel ook nog honderd plaatsen voor zogenaamde dringende opvang bij. Die zijn dan weer bedoeld voor kansarme gezinnen.