Foto: Fred Debrock

‘Bijna iedereen heeft een hartafwijking’

Tragische overlijdens als dat van wielrenner Michael Goolaerts maken het nog eens pijnlijk duidelijk: ons hart geeft zijn geheimen niet zomaar prijs. Professor cardiologie Peter Sinnaeve ontsnapte zelf aan een infarct. ‘Ook mensen met een gezonde levensstijl worden getroffen. Het leven is niet eerlijk. En eindig.’

Een waarschuwing. Tussen vijf en acht uur ’s morgens ben je het meest kwetsbaar voor een hartinfarct. Dan doet je biologische klok de bloeddruk stijgen en stijgt het hormonenpeil. In die vroege, gevaarlijke uurtjes ben je maar beter extra op je hoede. dS Weekblad sprak met professor Peter Sinnaeve, cardioloog en zelf hartpatiënt. Het volledige interview leest u zaterdag in dS Weekblad. Hieronder leest u een voorproefje.

Ook wie de cijfers kent, kan onaangenaam verrast worden. In het UZ Leuven behandelt professor Peter Sinnaeve (48) infarcten en probeert hij hartfalen te voorkomen door dichtgeslibde kransslagaders van patiënten weer vrij te maken. Twee jaar geleden ontdekte hij op een congres in Orlando dat hij misschien beter zichzelf had onderzocht.

‘Vroeg wakker door de jetlag was ik gaan hardlopen. Plots voelde ik een beklemmende pijn op mijn borstkas. De week voordien had ik nochtans zonder probleem 15 kilometer in sneltempo gelopen. Mijn verstand zei: ik heb prijs, de struisvogel in mij: ik, een infarct? Onmogelijk. Ik rookte niet, had geen te hoge suikerspiegel, geen diabetes, geen hoge bloeddruk en geen hoge cholesterol. Er kon mij toch niets gebeuren?’

En toch. Het herhaalde zich opnieuw. In rust. ‘Toen heb ik me grondig laten controleren: één kransslagader bleek sterk vernauwd. Diezelfde dag heb ik een stent laten plaatsen zodat mijn bloed weer vlot door kon.’ 

Sinnaeve ontsnapte aan een hartinfarct, hij kwam ervan af met een waarschuwing. Het maakte de vraag alleen dwingender. ‘Waarom krijgen jonge mensen zonder enige risicofactor een hartinfarct, en tachtigjarigen die bourgondisch leven, niet?’

De wielersport staat verder dan wie ook met cardiologisch onderzoek. Als Michael Goolaerts totaal onverwacht sterft, is dat dan brute pech of toont het vooral dat we nog veel niet weten?

‘Ik geloof niet in brute pech, er is altijd een reden. Alleen kennen we die niet per se. Er is nog veel onzekerheid over wat we wel en niet weten over hartproblemen. Maar ook over wát we ontdekken bij screeningen, wat een resultaat echt betekent.’

‘Onze testen zijn niet perfect. Op duizend patiënten ontdek je een aantal zieke mensen niet, terwijl je tegelijk een aantal gezonde mensen ten onrechte ziek verklaart. Sommige wielrenners breken daardoor misschien ten onrechte hun sportcarrière af. De vraag is hoeveel onzekerheid je als maatschappij wil aanvaarden – honderd procent kan je niet bieden. We hebben nochtans prachtige statistieken. Cardiologie was de eerste discipline met grootschalige studies bij tienduizenden, zelfs honderdduizenden mensen. Die cijfers vertalen naar één individu is een stuk moeilijker.’

Waar bent u dan wél zeker van?

‘Dat het leven eindig is en dat je bij bijna  iedereen wel een afwijking kan vinden van het hart- en vaatstelsel – een vernauwing van de slagaders, wat wildvlees, cholesterolophoping. Maar niet iedereen valt dood. Terwijl één man met een verhoogd risico overlijdt, blijft de andere met hetzelfde profiel nog jaren leven. Die screeningen zijn een tweesnijdend zwaard. Als je iedereen gaat screenen, zal je ook zogezegde afwijkingen vaststellen die eigenlijk gewoon variaties op het normale zijn.'

Zaterdag leest u in dS Weekblad het volledige interview met professor Sinnaeve. 'De Egyptenaren kampten 3.000 jaar voor Christus óók al met hart- en vaatziektes. Uiteraard niet door het eten van kant-en-klare lasagne, maar wel veroorzaakt door vervuiling van hun huis te verlichten en te verwarmen. Intussen hebben we hebben die vervuilende verwarming vervangen door dieselwagens.’