Foto: BELGAIMAGE

‘Als je frisdrank bant op school, dan ook fruitsap’

De frisdrankensector belooft dat ten laatste tegen eind volgend jaar in geen enkele middelbare school nog suikerhoudende frisdrank wordt verkocht. Addertje onder het gras: het light-assortiment blijft, alsook fruitsappen, die vaak evenveel of meer suikers bevatten.

Geen frisdranken met toegevoegde suiker meer in de automaat op de speelplaats. Het klinkt als een strijdvaardige slagzin en dat is het ook volgens de Europese frisdranksector, die in de automaten van de middelbare scholen geen Coca Cola, Fanta, Ice Tea of Aquarius meer zal aanbieden.

‘We willen alleen nog dranken aanbieden met geen of weinig calorieën in’, aldus Stanislas de Gramont, de voorzitter van Unesda, de Europese federatie van frisdrankproducenten. In ruil voor die zogezegd gulle gezondheidsgeste is de frisdrankensector intussen verzekerd van zijn plaats op de speelplaats met een licht gewijzigd aanbod.

Fruitsap = suikersap

Al is de uitspraak van de Gramont eerder voorbarig wat fruitsappen betreft, vindt voedingsexpert Theo Niewold (KU Leuven) van de faculteit bio-ingenieurswetenschappen. ‘Dit is een merkwaardige beslissing. Fruitsap zit bomvol suikers, soms nog meer dan cola. Als je frisdrank bant op school omwille van de calorieën en de suikers, dan moet je ook fruitsap weren.’

‘Wat is slechter: een liter cola of een liter vol appelsap? Het antwoord zit hem niet meteen in de naam zelf. Cola is niet inherent slecht terwijl alles met “fruit” erin niet noodzakelijk goed is.’

Light

Op het eerste gezicht ziet Niewold geen graten in het overschakelen naar lightproducten. ‘De zoetstoffen die worden gebruikt zijn op Europees niveau goedgekeurd. Bovendien scheelt het een pak calorieën.’

Het addertje onder het lightgras ligt hem echter in de hoeveelheden. Uit verschillende onderzoeken in de VS en Europa blijkt immers dat mensen die lightvarianten kopen van chips, snoep of frisdrank uiteindelijk meer calorieën consumeert dan mensen die de gewone producten consumeren, ook op lange termijn. Kortom: we eten en drinken meer omdat we denken dat de lightvariant veel gezonder is. En dat is overigens niet onomstotelijk bewezen: er zijn concrete studies die doen vermoeden dat zoetstoffen niet zo onschuldig zijn als ze lijken.

‘Alles draait uiteindelijk om hoeveel je van iets gaat drinken of eten’, zegt Niewold. ‘Ga je plots liters lightfrisdrank consumeren, dan is dat uiteraard ook niet gezond. Maar dan zijn we aanbeland bij de discussie van de opvoeding. Want kinderen krijgen van thuis mee hoeveel sap, frisdrank of water gezond en “normaal” is. Je kunt kinderen niet vastbinden tijdens de speeltijd of staan kijken hoe vaak ze langs een automaat lopen. Noch kun je voorkomen dat ze, wanneer er in de hele school nog kraantjeswater zou te verkrijgen zijn, in een buurtwinkel frisdrank gaan kopen. Maar je kunt ze wel leren wat calorieën en suikers zijn en hoe daarmee om te gaan.’