Foto: no

Radio en colère

Een tijd geleden was er in Frankrijk nogal wat te doen omtrent het quotum van 40% Franse muziek dat moet gehaald worden door de radiozenders. Fransen hebben de reputatie “un peu chauvin” te zijn om het nog voorzichtig uit te drukken, en daar is deze maatregel wel een heel duidelijk voorbeeld van. Terecht of niet terecht? De radiozenders vinden in alle geval van niet.

Het werd uiteindelijk een heuse protestactie van de radiostations. Zowel de openbare als de commerciële zenders deden mee. Via sociale media lanceerden ze een protestbeweging die ze “radio en colère” doopten. Ze hebben er steeds meer problemen mee dat ze minstens veertig procent Franse muziek moeten draaien.

Vooreerst is er het probleem van de kwantiteit. Steeds meer zangers, zangeressen, en groepen in dit land willen in het Engels zingen. Het resultaat is dat er eigenlijk onvoldoende Franse muziek geproduceerd wordt om een mooi aanbod te kunnen garanderen op de radio. Vandaar dat er heel vaak hetzelfde plaatje gedraaid wordt, opnieuw en opnieuw… De aanvoer is gewoon ontoereikend en dat merk je elke dag opnieuw. Als men verplicht wordt om veertig procent Franse muziek te brengen, terwijl er misschien maar net genoeg aangebracht wordt om een quotum van twintig procent te halen, heeft men een duidelijk probleem.

Franse muziek is Franse muziek, wordt er hier geredeneerd. Fransen die in het Engels zingen tellen dan ook hoegenaamd niet mee voor de quota bij de radio’s. Goeie Franse groepen als Jodelice of Cocoon vallen dus buiten die cijfers omdat ze niet in het Frans zingen. Christine and the Queens zal dan vermoedelijk weer een randgeval zijn ? De teksten zijn deels in het Frans en deels in het Engels. Al moet ik toegeven dat ik er een tijd over gedaan heb om te begrijpen wat Christine precies zingt in het Engels. In haar grote hit zingt ze iets dat klinkt als “Alès”, maar dat blijkt dan “Heartless” te zijn en niet de gekende Zuid-Franse stad.

De Belgen helpen

Gelukkig krijgen de zenders een beetje hulp uit het buitenland en niet in het minst uit België. Want, buitenlanders die in het Frans zingen tellen dan wel weer mee voor de quota. En ja, in dit land hebben ze een aantal Belgen in die mate geadopteerd dat ze al lang niet meer weten dat ze niet Frans zijn. Jaques Brel, Stromae, Lara Fabian, Adamo, Johny Halliday, Arno, Axelle Red, de recent overleden Maurane, enz…Allemaal Belgische artiesten die hier op handen gedragen worden en die gelukkig voor onze radiozenders ook nog in het Frans zingen. Maar goed, Frankrijk heeft altijd al graag buitenlandse zangers geadopteerd: van de Armeense Charles Aznavour, over de Grieken Georges Moustaki en Nana Mouskouri, tot Céline Dion en Rock Voisine uit Canada. Om nog maar van Egyptische Dalida te zwijgen. Dat siert hen trouwens.

Kwaliteit

Naast de kwestie van de kwantiteit is er ook die van de kwaliteit. De 'echte' Franse muziek die hier gedraaid wordt blijkt niet altijd van de beste kwaliteit te zijn, om het nog zacht uit te drukken . De spoeling is redelijk dun, maar door de quota is er aandacht voor muziek die het anders nooit zou halen op de radio. Er is topkwaliteit natuurlijk, met een topper als Zaz, bijvoorbeeld. Haar nummer “Si jamais j’oublie” is effenaf een pareltje. Daarnaast zijn er nog wel een paar kleppers als Gérald De Palmas, Jean-Louis Aubert, Nolwen Leroy, Coeur de Pirate, enz…Maar er is vooral ook een overvloed van ontzettend fleemzoete melodietjes, echte niemendalletjes die eigenlijk geen zendtijd waard zijn.

En die niemendalletjes krijgen door het quotumsysteem heel ruim aandacht. Dat wordt dan afgewisseld met nummers uit de jaren 80, zoals die van Jean-Jaques Goldman. Deze Franse coryfee maakte al jaren niets nieuws meer, maar wordt bijna dagelijks op de radio gedraaid. Alsof hij net dé hit van het jaar gemaakt had. Ook heel aanwezig zijn overleden grootheden, zoals Michel Berger.

Wat er dan toch nog aan Engelse muziek gedraaid wordt is minstens even oud. Je hoort om de haverklap- en dan heb ik het over wekelijks- bepaalde nummers terug: “Thriller” van Michael Jackson, “Don’t go breaking my heart” van Elton John en Kiki Dee, of “I want to break free” van Queen. Waarom juist die nummers ? Ik geraak er niet aan uit. In dit digitale tijdperk is daar natuurlijk al lang geen sprake meer van, maar in de jaren zeventig zou je gedacht hebben dat ze maar een heel beperkt aantal singles bezitten. Waarom niet eens een keertje Coldplay, Mumford and Suns, of …. Allemaal zeer onduidelijk.

Openbare zenders

Dit laatste ervaar je vooral op de commerciële zenders. Dan maar naar de openbare zenders luisteren ? De enige genietbare openbare zender is France Musique, tenminste als je zoals ik van klassiek houdt. Bij de anderen kan je vooral luisteren naar gebabbel, tot in den treure. Oeverloos gebabbel kan uren radio vullen, stel ik vast.

Er zijn natuurlijk andere middelen om tegenwoordig naar muziek te luisteren. En ja, ik doe dat ook wel via mijn computer of ipod met urenlange afspeellijsten. Maar dat is nog altijd geen radio. Zelf hield ik altijd van het mysterie van de stem achter die radiouitzending. Radio blijft voor mij nog altijd iets magisch hebben, ook nu nog. Gelukkig laat de moderne techniek ook toe op via eenvoudige weg hier in Zuid-Frankrijk te luisteren naar onze Vlaamse Radio 1, Radio 2 of Klara. Naar de mooie stemmen van Ruth Joos, Friedl Lesage of Jan Hauttekiet bijvoorbeeld.

Conclusie: wij zijn hier vlotjes “geadopteerd” in ons nieuwe thuisland. Zodanig dat we zo goed als alles van het Franse leven overgenomen hebben in ons dagelijks bestaan. Alleen die radiozenders…Als ik daar te lang naar luister, raak ik zelf “en colère”. (Chris Verbeke)